Increase text size

KWF Home

Doneer Online (Giro 26000)

Kanker

Behandeling van kleincellige longkanker




Bij het merendeel van de patiënten met een kleincellige longtumor wordt de ziekte ontdekt in een laat stadium. De ziekte kan dan alleen worden geremd. Chemotherapie geeft hierbij de beste resultaten.

Chemotherapie

Bij de behandeling van kleincellige longkanker gebruikt men meestal cytostatica die via een infuus worden toegediend. Deze medicijnen worden volgens een bepaald schema toegediend: de cytostaticakuur.
 
Zie verder Chemotherapie algemeen.

Bestraling na chemotherapie

Als de ziekte beperkt is gebleven tot één helft van de borstkas, is bestraling (radiotherapie) bij patiënten met een kleincellige longtumor een vast onderdeel van de behandeling.
 
U krijgt gelijktijdig met of na een intensieve behandeling met cytostatica een bestraling van de borstkas. De behandeling heeft als doel achtergebleven kankercellen te vernietigen en is in opzet curatief. Meestal worden - nadat de chemotherapie is afgerond - ook de hersenen bestraald.
 
Gelijktijdig toedienen van radio- en chemotherapie heeft meer effect dan bestralen nadat de chemotherapie is afgerond. Wel kan gelijktijdige toediening meer bijwerkingen veroorzaken (voornamelijk van de slokdarm). Deze behandeling wordt daarom vooral gegeven aan mensen met een redelijk goede conditie.
 

Bestraling als palliatieve behandeling

Als de ziekte na een behandeling met chemotherapie terugkeert, kan bestraling worden toegepast als palliatieve behandeling. Een bestraling op de borstkas is er dan op gericht om de ziekte af te remmen en om eventuele klachten als benauwdheid of hoesten tegen te gaan.
 
Bestraling kan ook worden toegepast om pijn te bestrijden. Bijvoorbeeld als de pijn wordt veroorzaakt door uitzaaiingen in de botten. Met het bestralen van de hersenen kunnen klachten worden tegengegaan die worden veroorzaakt door uitzaaiingen in de hersenen.
 
Dikwijls gaat het om kortdurende bestralingskuren waarbij men eventuele bijwerkingen zoveel mogelijk probeert te voorkomen.
 
Zie verder bestraling (radiotherapie) algemeen.

Operatie

Een patiënt met een kleincellige longtumor wordt zelden geopereerd. Alleen als de tumor nog klein, niet is ingegroeid en - voor zover bekend - niet is uitgezaaid, kan een operatie een overweging zijn. Dit is dan in opzet een curatieve behandeling.
 
Zie verder operatie algemeen.
Laatst gewijzigd op 01 jul 2010
Samen voorop in de strijd