Increase text size

KWF Home

Doneer Online (Giro 26000)

Kanker

Melanoom in het oog




In Nederland krijgen ruim 100 mensen per jaar te horen dat zij een melanoom in het oog hebben, ook wel uveamelanoom of oculair melanoom genoemd. De meeste melanomen in het oog komen voor bij mensen tussen de 50 en 70 jaar.
 
De eerste symptomen zijn meestal:
 
  • vaag zien
  • het zien van vlekken of lichtflitsen
  • een verkleining van het gezichtsveld
 
Maar sommige patiënten hebben helemaal geen klachten.
 
Uveamelanomen kunnen op verschillende plaatsen in het oog ontstaan. Net als alle andere soorten kanker kan dit melanoom uitzaaien. Via de bloedbaan kunnen uitzaaiingen ontstaan: vaak als eerste in de lever, maar ook in de huid.
 
Net als bij het melanoom van de huid is er geen bewijs dat onderzoek naar uitzaaiingen leidt tot een betere overleving. De behandeling vindt plaats in gespecialiseerde centra.
 

Oorzaken

Over de oorzaak van melanomen in het oog is weinig bekend. De tumor komt heel soms in bepaalde families voor in combinatie met huidmelanomen.
 

Onderzoek

Het onderzoek om de diagnose te stellen bestaat hoofdzakelijk uit een uitgebreid oogheelkundig onderzoek. De volgende onderzoeken kunnen dan plaatsvinden:
 
  • oogspiegel: hiermee kan de arts in uw oog kijken. Uw oog wordt van tevoren gedruppeld, zodat de pupil zich verwijdt.
  • echografie: dit onderzoek geeft zicht op het inwendige van uw oog
  • fluorescentie-angiografie: men spuit een contrastmiddel in een ader. Hierdoor is het mogelijk speciale zwart-wit foto's van de binnenzijde van uw oog te maken.
  • gezichtsveldonderzoek: dit onderzoek kan de omvang van de beperking in het gezichtsveld exact meten.
 

Behandeling

Bij de behandeling van het oogmelanoom staat het verwijderen van de tumor voorop. Het behoud van het zicht komt op de tweede plaats.
 
Een operatie waarbij de chirurg het oog verwijdert, is lang niet altijd meer nodig. De afgelopen tien jaar zijn er nieuwe, oogsparende behandelingen ontwikkeld. Na deze behandelingen kan blijvende slechtziendheid aan het behandelde oog optreden. Hoe erg dit zal zijn, is onder andere afhankelijk van de plaats van de tumor in het oog. De behandelend oogarts zal u daarover informeren.
 
Welke behandeling u uiteindelijk krijgt, is onder meer afhankelijk van:
 
  • de grootte en plaats van de tumor
  • eventuele uitzaaiingen
  • het functioneren van uw andere oog
  • uw persoonlijke voorkeur
 
De behandeling kan bestaan uit:
 
  • inwendige bestraling
  • thermotherapie
  • 'sandwichtherapie'
  • stereotactische bestraling (uitwendige bestraling)
  • protonenbestraling (uitwendige bestraling)
  • operatieve verwijdering van de tumor
  • verwijdering van het oog (enucleatie)
 

Inwendige bestraling

Bij deze vorm van bestraling brengt men op de plaats van het melanoom een radioactief schaaltje (een soort muntje) aan op de buitenkant van het oog. Dit gebeurt onder narcose. Afhankelijk van de hoeveelheid straling die nodig is, zal het schaaltje drie tot tien dagen moeten blijven zitten. Onder plaatselijke verdoving wordt het daarna verwijderd.
 
Tijdens de hele behandeling verblijft u in het ziekenhuis. De dag waarop het schaaltje eruit gaat, kunt u naar huis.
 

Thermotherapie

Bij deze behandeling brandt infrarood laserlicht de tumor als het ware weg. Dit heet thermotherapie, omdat er sprake is van verhitting. Het oog wordt van tevoren verdoofd met enkele oogdruppels en een injectie.
 
Zo nodig herhaalt men deze behandeling. Deze behandeling wordt vrijwel altijd gecombineerd met inwendige bestraling.
 
Thermotherapie gebeurt poliklinisch en duurt ongeveer een uur.
 

'Sandwichtherapie'

De sandwichtherapie is een combinatie van inwendige bestraling en thermotherapie met een tussentijd van ongeveer een maand. De tumor zal pas in de loop van maanden langzaam gaan verschrompelen. Daarom is het nodig dat u regelmatig voor controle naar de polikliniek komt.
 

Stereotactische bestraling (uitwendige bestraling)

Kleine en middelgrote oogmelanomen kunnen ook behandeld worden met stereotactische bestraling.
 
Men bestraalt de tumor op vijf opeenvolgende dagen vijf keer van verschillende kanten. De bestraling is hierdoor maximaal, terwijl de schade aan de rest van het oog zo veel mogelijk beperkt blijft. Bij deze manier van bestralen houdt een speciaal soort frame uw hoofd en het aangedane oog op hun plaats.
 
Op deze manier kunnen oogmelanomen tot 16 millimeter worden behandeld zonder dat daar een operatie voor nodig is. Voorwaarde is wel dat de tumor op een bereikbare plaats zit.
 
Het Erasmus MC in Rotterdam is tot nu toe het enige ziekenhuis waar deze behandeling mogelijk is.
 

Protonenbestraling (uitwendige bestraling)

Als de tumor te groot is voor inwendige behandeling of op een moeilijk te bereiken plaats zit, is het mogelijk de tumor uitwendig te bestralen.
 
Tijdens een operatie wordt eerst de plaats van het melanoom gemarkeerd met behulp van markeerklipjes. Daarna krijgt u in één week, vijf keer gedurende enkele minuten een dosis straling. De straling komt uit een bestralingstoestel.
 
Deze behandeling is in Nederland niet mogelijk. Patiënten die voor deze behandeling in aanmerking komen, verwijst men naar een behandelcentrum ergens anders in Europa.
 

Operatieve verwijdering van de tumor

Soms is het mogelijk de tumor operatief te verwijderen. Meestal wordt de tumor eerst uitwendig bestraald. Dan wordt de tumor operatief verwijderd en volgt nog een korte inwendige bestraling.
 
Deze behandeling is in Nederland niet mogelijk. Patiënten die voor deze behandeling in aanmerking komen, verwijst men naar een behandelcentrum ergens anders in Europa.
 

Verwijdering van het oog (enucleatie)

Als de bovenstaande therapieën niet mogelijk zijn of als deze onvoldoende effect geven, zal het noodzakelijk zijn het oog te verwijderen. Deze operatieve ingreep gebeurt onder algehele narcose en duurt ongeveer een uur.
 
U verblijft circa drie dagen in het ziekenhuis. Vier tot zes weken na de operatie kunt u een oogprothese aangemeten krijgen.
 

Overlevingskansen

De kans op langdurige, ziektevrije overleving is onder meer afhankelijk van de grootte en de plaats van het oogmelanoom. Van alle behandelde patiënten leeft na vijf jaar 65 tot 70%. Na tien jaar is dit percentage gedaald naar ongeveer 55%.
 
Overlevingspercentages voor een groep patiënten zijn niet zomaar naar uw individuele situatie te vertalen. Wat u persoonlijk voor de toekomst mag verwachten, kunt u het beste met uw behandelend arts bespreken.
Laatst gewijzigd op 30 jul 2009
Samen voorop in de strijd